Artikelen van mei 2015

Verhalen & verbeelden en het traject De Schoolschrijver

??????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????Hoe stimuleer je het verhalen vertellen, verwonderen en verbeelden bij kinderen? En waarom is dat nodig? Het Centrum Brein & Leren (Vrije Universiteit Amsterdam) evalueerde het traject De Schoolschrijver, waarin kinderboekenschrijvers in het hart van het primair onderwijs staan om kinderen enthousiast te maken voor verhalen, lezen en schrijven. Op 26 mei 2015 werden de resultaten gepresenteerd middels een publieksbrochure en een onderzoeksrapport. Deze zijn te downloaden via deze website.
In het voorjaar van 2014 deden vijf basisscholen in Amsterdam mee aan deze evaluatie. Het onderzoeksrapport geeft een uitgebreide analyse van de ervaringen van leerlingen, leerkrachten en schrijvers met dit traject. Op grond hiervan zijn aanbevelingen geformuleerd. Daarin gaat het over creatief denken en schrijven, over voorlezen, en over wat school, leerkrachten en ouders kunnen doen om de taal- en schrijfvaardigheden en de fantasie te stimuleren. De publieksbrochure geeft een verkorte versie van de resultaten en aanbevelingen.

Het rapport beschrijft de doelen, opzet en aanpak, de resultaten van het onderzoek, en de ervaringen van leerlingen, leerkrachten en schrijvers met dit traject 150601SchoolSchrijverRappDeltaV3
Een verkorte versie van de resultaten en aanbevelingen is te lezen in onze brochure: 150521BrochureSchoolSchrijver

Suzanne Mol, Inouk Boerma, Sanne Dekker & Jelle Jolles. Verhalen vertellen, verwonderen en verbeelden met De Schoolschrijver.
Centrum Brein & Leren, Vrije Universiteit Amsterdam, Mei 2015
Uitgever: Neuropsych Publishers, ISBN/EAN: 978-90-75579-70-3

 

 

Hoe pas je de wetenschap van het leren toe in educatieve apps?

kidstablet2Educatieve Apps zijn niet meer weg te denken uit het onderwijs. Duizenden zijn er beschreven, worden aangeraden of afgeraden. Overal in het onderwijs worden ze gebruikt. Zijn al die apps goed en bruikbaar in de praktijk van het onderwijs? Beslist níet! Er zijn gelukkig zeer goede apps en ook gewoon goede apps. Er zijn echter ook veel matige tot slechte apps, die pretenties hebben die niet kunnen worden waargemaakt.
Hoe weet je nou welke producten goed zijn of minder goed? Daarvoor wordt evaluatie-onderzoek gedaan door professionals die niet alleen wat weten over de manier waarop je een computerprogramma schrijft maar vooral weten wat leren is. Zij geven er hun mening over en een goed artikel hierover is dat van Hirsh-Pasek en collega’s. Het begin dit jaar gepubliceerd Lees artikel.  Uit dit artikel vatten Judith Keizer en ik de vier belangrijkste punten samen: Hoe je de wetenschap van het leren toepast in educatieve apps.

Kinderen leren het best wanneer aan de volgende eisen is voldaan;

  • Ze zijn actief (‘’hands on’’) betrokken . Simpel een scherm aanraken of op een figuurtje klikken vraagt maar weinig mentale inspanning. Om cognitief actief leren te laten plaatsvinden, moeten de kinderen actiever nadenken over de acties. Bijvoorbeeld door middel van swipen een karakter naar een andere plaats te navigeren.
  • Ze zijn betrokken  bij het leerproces, en dus zo min mogelijk afgeleid. Geluidjes of clips, bijvoorbeeld als beloning, kunnen nuttig zijn wanneer ze bij het leerdoel passen. Wanneer ze echter niet nodig zijn, kun je ze het best zoveel mogelijk vermijden; ze leiden namelijk af van het leerproces.
  • De app is betekenisvol . Dit betekent dat de app past bij de persoonlijke geschiedenis van het kind, of iets wat het kind kent uit zijn omgeving. Wanneer een kind bijvoorbeeld de letters van het alfabet niet kent, is het ‘’ABC-lied’’ niets meer dan gewoon een liedje, zonder diepere betekenis.
  • Er vindt sociale interactie plaats; deze ondersteunt het leren. Dit kan bijvoorbeeld doordat men ‘’om de beurt’’ moet spelen of dat er een probleem opgelost moet worden waarvoor er door middel van Skype of tekstberichten gecommuniceerd moet worden. Ook kunnen er ‘’parasociale’’ interacties plaatsvinden met bijvoorbeeld karakters uit de app.

Samen verhalen vertellen versterkt de rekenvaardigheid

15219352255_e0275e13d0_mUit recent onderzoek van dr. Helen Reed (Centrum Brein en Leren van de Vrije Universiteit) blijkt dat causaal redeneren bij kleuters, in de leeftijd van 4,5 tot 6 jaar, gestimuleerd kan worden door ze samen verhalen te laten vertellen. Het samen vertellen van verhalen zorgt ervoor dat er gedacht wordt in oorzaak-gevolg relaties, hetgeen een cruciale vaardigheid is voor rekenen en wiskunde. Door op deze wijze na te denken worden de rekenvaardigheden versterkt bij de kleuters. Dit onderzoek is onderdeel van het proefschrift van dr. Helen Reed van ‘Wiskundig denken, leren en presteren: Inzichten en interventies voor het basis- en voortgezet onderwijs’ van 30 juni 2014. In de mei issue van het vakblad De wereld van het jonge kind wordt er uitgelegd hoe het precies in zijn werk gaat.

– H.C. Reed & L. Flores Gonzalez-Kes, De wereld van het jonge kind, 42(9), P. 4-7. Lees artikel

– Het proefschrift: H.C. Reed (2014) Mathematical Thinking, Learning and Perfomance: Insights and interventions for primary and secondary education. Het proefschrift is te vinden via darenet: http://dare.ubvu.vu.nl/handle/1871/51328