Artikelen van juni 2013

Op het jeugdvoetbalveld zie je terug hoe het brein ontwikkelt

In het artikel dat in De Jeugdvoetbaltrainer van mei 2013 is verschenen, staat een verdiepende uitleg over de hersenrijping en de verschillende stadia. Ook staan er concrete tips in voor de trainer of coach om zijn pupillen die steun en sturing te geven om de ervaringen op te doen die nodig zijn voor de ontwikkeling van vaardigheden. Ze zijn gebaseerd op fundamentele inzichten uit de neuropsychologie. Het artikel is geschreven door Mirelle van Rijbroek en Annemarie van Eem. Ga direct naar artikel

Waar gaat het artikel o.a. over?
Tijdens de rijping verandert het brein voortdurend, van kind tot adolescent, van adolescent tot volwassene. Voor simpele motorische vaardigheden zijn bepaalde hersensystemen al vroeg in de kindertijd klaar. Andere hersensystemen kunnen uitrijpen tot in de vroege adolescentie mits er veel geoefend wordt, denk hierbij aan de wat complexere motorische vaardigheden zoals kunstjes doen op een skateboard of op een crossfiets. De handelingen waarbij het gaat om inzicht, beslissingen nemen en inschattingen maken van de gevolgen van een handeling voor het spelverloop, zijn de echt complexere vaardigheden die pas in de midden- en laatadolescentie ontwikkeld worden in de hersensystemen.

Op het voetbalveld kun je dit terugzien. Trainers, coaches en ouders zullen het vast wel herkennen. Jonge adolescenten die op het veld hun eigen capaciteiten niet kunnen inschatten, de consequenties van hun handelen totaal niet lijken te overzien, rationeel overkomen maar toch opeens heel impulsief zijn, “ja” zeggen en “nee” doen…..dit heeft alles te maken met de neuro-psychologische ontwikkeling. Het gaat hier om vaardigheden die zich pas na het twintigste levensjaar ontwikkeld hebben en waar veel ervaring voor nodig is.

Samenwerking met Stichting Flore

In het kader van een samenwerkingsproject op het gebied van talentontwikkeling op de basisschool heeft Centrum Brein & Leren een vijfjarige overeenkomst met Stichting Flore. Vandaag is een persbericht uitgegaan en een boekje wat die samenwerking beschrijft, waarmee de eerste fase van die samenwerking wordt afgesloten. Het boekje is overhandigd aan de voorzitter van de PO-Raad Rinda den Besten.

Deze vijfjarige samenwerking tussen Centrum Brein & Leren en Stichting Flore is ten behoeve van het uitvoeren van praktijkgericht onderwijsonderzoek in het primair onderwijs. Uiteindelijk wordt er gestreefd naar het vormen van een structurele academische onderzoekswerkplaats met een kruisbestuiving van disseminatie van kennis uit het centrum en docent-professionalisering in de klas.

Waarom lezen zo belangrijk is

In het NRC handelsblad van dinsdag 28 mei jl. stond op pagina 15 een mooi artikel van Jacques Vriens, auteur en ‘kinderboekenambassadeur’. Hij merkt op dat op veel scholen die hij bezoekt, het (voor)lezen een onderschoven kindje is geworden in het basisonderwijs en dat veel scholen geen schoolbibliotheek meer hebben. Ook is op de meeste pabo’s het lezen van kinderboeken niet meer verplicht. De ernst van deze ontwikkeling is nog niet tot de samenleving doorgedrongen, al is het verheugend dat de NRC gelegenheid geeft om wat zorgen te uiten. Zoals de kranten regelmatig bol staan van artikelen over pesten op school, zo moeten ze nu de alarmbellen laten rinkelen over het tekort aan (voor)leeservaring bij kinderen en jeugdigen.

(Lydia Flores en Jelle Jolles, 10 juni 2013). Uit internationaal onderzoek onder 49 landen blijkt dat Nederland redelijk scoort op technisch lezen, maar helemaal onderaan bungelt als het gaat om leesplezier. Je kunt pas plezier in lezen ontwikkelen als je lees- en voorleeservaring opdoet. Het Centrum Brein & Leren heeft als een van zijn kerndoelen om toegepast onderzoek te doen naar lezen en het leesplezier bij kinderen. Daarbij wordt ook veel aandacht gegeven aan het voorlezen. Op grond van nationaal en internationaal onderzoek op dit gebied concluderen we dat echt álle registers opengetrokken moeten worden om kinderen en jeugdigen aan het lezen te krijgen. Daarin gaat het niet alleen om het ontwikkelen van een vaardigheid in het technisch lezen. Nee, lezen doet veel meer. Het is voor de neuropsychologische ontwikkeling en zelfs voor de hersenrijping een uitstekend hulpmiddel. Voor lezen is namelijk het hele brein nodig: de waarneming, de taal, het redeneren, het geheugen, de aandacht en het vermogen om te selecteren tussen hoofd- en bijzaken. Bovenal prikkelt lezen de verbeeldingskracht: je kunt je echt helemaal verliezen in een verhaal en je eigen film erover maken in je hoofd. De emotionele verwerking speelt hierin ook een belangrijker rol. Als je leest over de GVR zie je echt die reus met enorme oren voor je, fantaseert hoe hij dromen uitblaast en je proeft haast die smerige “snoskommers” die hij eet. Kortom, je voelt er iets bij: soms angst, vaak spanning, vertedering, een warm gevoel. Dat neuropsychologische aspect van een mentaal beeld is enorm belangrijk. Ook het identificeren met een hoofdpersoon en de intimiteit van een boek ervaren is essentieel voor de emotionele ontwikkeling zoals de vorming van empatisch vermogen . Dit gaat niet lukken met een iPad hoe belangrijk de nieuwe media en ICT ook kunnen zijn als hulpmiddel voor educatie. Moderne media zijn vaak kort, vluchtig en onrustig. Het lezen van een boek geeft rust en verdieping waardoor ook het concentratievermogen ontwikkeld kan worden. Wanneer kinderen alleen met een iPad of computer worden gevoed, wordt hen – neuropsychologisch gezien –  ernstig tekort gedaan.

Vriens pleit er in zijn betoog terecht voor dat scholen het lezen en voorlezen meer integreren in het onderwijs. Dat valt volgens hem niet mee in een tijd waarin binnen het onderwijs “opbrengstgericht werken”, “meten” en “scoren” het credo vormen. Maar op de langere termijn zal het zeker zijn vruchten afwerpen in de vorm van belezen, creatieve geesten met een grote verbeeldingskracht, sociaal inlevingsvermogen, een gefundeerde opinie en niet te vergeten: kennis!

Ref.: Jacques Vriens, Zo ontmoedigt men lezen op school. NRC 28 mei 2013, pag. 15